Osteopathie

De osteopathie werd geboren in het midden van de 19e eeuw, wanneer een Amerikaans arts, dokter Andrew Talor Still, het besluit nam om het praktiseren van de officiële geneeskunde op te geven. Hij beschouwde deze geneeskunde onefficiënt en gevaarlijk.

Dr. Still

Dr. Still

Om die redenen ging hij de anatomie en de medische wetenschappen opnieuw bestuderen. Zo kwam hij ertoe een nieuwe medische benaderingswijze op punt te stellen die hij de osteopathie noemde.

Het was op 22 juni 1874 dat hij, om zijn eigen woorden te gebruiken, ‘Het spandoek van de osteopathie liet wapperen in de wind’. Hij stelde zijn methode voor aan zijn confraters aan de universiteit van Baldwin, doch ondervond er enkel misprijzen en tegenstand.

Nadat hij gedurende jaren al rondtrekkende de osteopathie praktiseerde, vestigde hij zich te Kirksville (Missouri), waar hij in 1892 de eerste school voor Osteopathie oprichtte (the American School of Osteopathy). Weinige tijd later volgde het eerste dispensarium van de osteopathische geneeskunde.

Niettegenstaande de tegenstand van de collega’s-geneesheren, werd dokter Andrew Still vermaard in heel de Verenigde Staten en volgden velen zijn methode.

Toen hij in 1917 stierf, waren er spijts de onbedwingbare tegenstand van de ‘American Medical Association’ meer dan tien colleges van osteopathische geneeskunde waar men osteopaten opleidde.

De onverdrotenheid van de Amerkaanse osteopaten en de doeltreffendheid waarmee zij praktiseerden leidde voor de osteopathie tot een erkenning en wetgeving die vandaag in de Verenigde Staten als volwaardige geneeskunde wordt beschouwd.

Vele duizenden osteopaten zorgen er dagelijks voor het welzijn en de gezondheid van de Amerikanen.

Dat de osteopathie ook Europa te beurt kwam, hebben we eigenlijk te danken aan John Martin Littlejohn, een leerling van dokter Still.

Na enkele jaren te hebben gedoceerd aan de school van Still, keerde hij terug naar Groot- Brittannië waar hij in 1917 te Londen de ‘British School of Osteopathy’ oprichtte.

Op progressieve wijze verspreidde de osteopathie zich in heel Europa en herbegon er de strijd voor de erkenning zoals dat enkele decennia eerder het geval was in de Verenigde Staten.

Momenteel is de osteopathie in Groot-Brittannië sinds 1992 volledig gelegaliseerd, en is in Frankrijk op weg naar erkenning. Zij is in België erkend door de wet-Colla, daterend van 29 april 1999. Reeds in 1980 hadden de Belgische osteopaten de nodige structuren op punt gesteld met betrekking tot een interne controle van het beroep. Zij hebben namelijk beroepsverenigingen opgericht welke op hun beurt ethische commissies samenstelden. Een onder hen stichtte de Belgische Academie voor Osteopathie. De beroepsverenigingen hebben eveneens de GNRPO gesticht met als doel het beroep eenvormig te maken en het te vertegenwoordigen bij de overheid. Op deze manier zijn de osteopaten erin geslaagd om van de osteopathie een autonoom beroep te maken, met eigen verantwoordelijkheid en bewezen doeltreffendheid.

Hun grootste bezorgdheid gaat uit naar het verzekeren van de veiligheid van hun patiënten en zij vragen hiervoor dan ook toegang tot klinische onderzoeksmethodes (radiografie, scanner, magnetische resonantie,…), noodzakelijk om doeltreffend een behandeling te kunnen instellen.

Zij vragen eveneens aan de overheid om middelen ter beschikking te stellen welke het voor de patiënten mogelijk zullen maken zich in alle gerustheid te wenden tot osteopathische behandelingen, zonder vrees te moeten hebben dat zij praktici zouden raadplegen die in werkelijkheid geen professionele osteopaten zijn.

Bron: gnrpo.be